Der andere Rudolf Steiner. Augenzeugenberichte, Interviews, Karikaturen

Bij Pforte Verlag is onlangs een merkwaardig nieuw boek verschenen. Het heet Der andere Rudolf Steiner. Augenzeugenberichte, Interviews, Karikaturen.
Het zijn vooral de getuigenissen van niet-antroposofen die Rudolf Steiner op de een of andere manier persoonlijk gekend hebben, die dit boek zo boeiend maken. Zo krijg je bijvoorbeeld van Steiners tijd in Weimar en in Berlijn (van 1890 tot 1904) de indruk dat niet alleen Steiner maar ook al zijn tijdgenoten hun leven doorbrachten in de cafés.
Of misschien was dat het enige wat het noteren waard was. Nostalgisch ook word je van de beschrijving van Alwin Alfred Rudolph, die vanuit de Arbeidershogeschool in Berlijn naar Steiner werd gestuurd om hem te vragen docent geschiedenis te worden. Rudolph beschrijft hoe hij ontvangen werd, hoe er eerst tijd uitgetrokken werd om samen koffie te drinken en elkaar te leren kennen en dat pas nadien over zaken werd gesproken …
Uit de Berlijnse jaren, toen Steiner de schrijversclub ‘Die Kommenden’ voorzat en mede-uitgever was van het ‘Magazin für Literatur’, kon zo goed als geen van de mensen die Steiner toen omringden, hem volgen in zijn latere esoterische en maatschappelijke activiteiten. Desondanks dragen de meesten hem jaren later nog altijd een warm hart toe, en dit om de een of andere reden die er niet toe doet. Zo lees je achtereenvolgens getuigenissen van iemand die betoverd was door Steiners magische stem, terwijl een volgende juist klaagt over Steiners drammerige en monotone stemgeluid. Er zijn er die zijn kledij bewonderen, anderen die zich druk maken over de enorme vlinderdassen die hij droeg.
Der andere Rudolf Steiner is een boek vol vriendschap, hartelijk en vaak ook grappig. Aangezien de schrijvers allemaal gelijk hebben – ze spreken en schrijven duidelijk vanuit authentieke, persoonlijke ervaringen – brengt het boek niet zozeer het beeld van dé andere Rudolf Steiner, maar vooral van veel verschillende Steiners. Als zodanig is het boek een oefening om je eigen besluiten uit te stellen, ondanks de emotionele neiging om deze of gene door Wolfgang Vögele ingeleide en becommentarieerde getuige te volgen. Vögele heeft daarbij de positieve en de negatieve commentaren op Steiner zorgvuldig in evenwicht gehouden, zodat er doorheen het boek een blijvende spanning bestaat.

Werner Govaerts
juni 2005



uit het boek:
Marina Tsvetajeva, Russisch schrijfster, bezoekt in 1923 in Praag een voordracht van Rudolf Steiner over pedagogie. Ze observeert de op en neer springende adamsappel, de ‘hoofdacteur’, de gestalte, ‘helemaal zwart, tot boven toegeknoopt’ en noteert wat ze in de voordracht hoort, nl. telkens weer ‘Sehr geehrte Herrn und Damen’. Ze besluit: niks nieuws, niks eigens.
Na de voordracht gaat ze in de lange rij staan van mensen die van ‘Herr Doktor’ nog iets willen vernemen over hun recentste droom of over de eerste tand van hun kind. Ze schrijft: “En met steeds dezelfde zachtheid geeft hij aan iedereen een glimlach, een antwoord, een toeknikken. Ik ben de laatste in de rij. Ik sta er en ben in tweestrijd: hij is zo moe, en nu ik nog. Maar, ik, dat is toch niet al deze anderen. En als hij werkelijk helderziend is … Terwijl ik nog in twijfel ben, sta ik reeds voor hem. Deze jongeman is duizend jaar oud. Geen grijsaard. Doorzichtigheid. Dadelijk vervalt hij tot stof. (Hoe lang sta ik zo?) Ik schep moed en haal diep adem en vraag: “Herr Doktor, zegt u mij één enkel woord, voor het hele leven!” Er volgt een lange pauze, en dan, met een hemelse glimlach, en met nadruk: “Tot weerziens.”